TWEE AMSTERDAMMERS EN EEN SCHRIJVER

10 aug

TWEE AMSTERDAMMERS EN EEN SCHRIJVER

Het was stormachtig herfstweer toen ik het café van ome Cor binnenging.

Maar binnen was het gezellig met de lichten aan en een klein gezelschap

was luidruchtig aanwezig.

Goedemiddag meneer, kom gauw binnen, het is hier beter als buiten.

Dat was Ome Cor, de eigenaar van het café en de gasten aan de ronde tafel herkende ik heel goed, Arie met zijn vrouw Alie en Johnny een goede vriend.

Kom erbij zitten man, gezellig krijg je een lekker bakkie koffie van Cor.

Ik keek het drietal nog eens goed aan en luisterde naar hun verhalen.

Waar kom je vandaan? Woon je hier in de buurt?

Nee Arie ik ben Bert en in Amsterdam Oost geboren en daar woon ik nog steeds.

Amsterdam Oost, hè Johnny is dat nog Amsterdam?

Zeker Arie, daar wonen ook mensen, Amsterdammers net als wij.

Ho Johnny wij zijn Jordanezen, dat weet je toch.

Komen jullie allemaal hier vandaan?

Ja Bert geboren en getogen in de Jordaan, uitstervend ras. Maar wij gaan binnenkort naar Frankrijk emigreren daar wonen mijn dochter, haar man en ons kleinkind. We waren daar een tijdje geleden op vakantie en het is daar zo mooi, ze hebben een groot huis en ruimte genoeg om Alie en mij daar in te laten wonen, een heel avontuur. Tachtig jaar in de Jordaan en nu samen met Alie naar Frankrijk. Daar hoeft Alie minder te doen, ze is ook een daggie ouder geworden en het huis, het koken, de boodschappen doen en ook nog es mij verzorgen dat wordt een beetje te veel. Maar onze dochter zal ons vast goed verzorgen daar, zeker weten.

Arie had z’n zeggie gedaan. Uit m’n tas haalde ik de zaterdagkrant. Ik vouwde de krant uit op de ronde tafel, kopjes en schoteltjes opzij schuivend en zei:

Kennen jullie dit verhaal? Met m’n wijsvinger wees ik op de titel :

Twee Amsterdammers.

Alie was de eerste die het zag: verrek een verhaal over ons Arie en kijk John ook hoe ken dat nou, alles wat we met mekaar hebben meegemaakt, hoe kom je daar nou an, Bert.

Laat zien Alie, ga es weg, ja waarachtig Twee Amsterdammers op het Terras. Ja, is dat door jou geschreven Bert?

Ja Arie, dankzij je vriend Johnny die heeft het me allemaal voorgelegd of dat niks was voor verhalen en natuurlijk zei ik ja en maakte de verhalen van de Twee Amsterdammers nietwaar Johnnie?

Zo is het gegaan Arie en Alie, nu kunnen jullie in Frankrijk bij je dochter vertellen we hebben nog in de krant gestaan, toch?

Ome Cor was er ook bij komen staan en zei: Ja, en ik heb ook nog een duit in het zakkie gedaan door Bert wat te vertellen wat ik met jullie heb meegemaakt, compleet verhaal geworden, in de krant, het moet niet gekker worden. Laten we hierop drinken, aan de ene kant als afscheid van Arie en Alie aan de andere kant op de mooie herinneringen aan jullie drieën.

Toen de drankjes op tafel kwamen werd de stemming vrolijker maar we beseften allemaal dat de Jordaan nooit meer zo zijn als toen Arie en Alie er woonden.

Toen ik een paar weken later een kaart uit Frankrijk ontving had Arie daarop geschreven :

Bert, we zijn al helemaal tuis hier en op de markt verstaan ze me, voulez vous en snappez vous? En als ik die fransozen niet versta dan verzorgt mijn dochter de ondertiteling, niks aan de handje, kom es langs Bert. Er lopen ook twee zwarte paarden n de tuin, leuk he?

Ik was gerustgesteld, de gein was van de Jordaan naar het Franse platteland verhuisd, kon niet beter.

Bert

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *