TERUG NAAR SCHOOL (1)

16 aug

In de serie Schoolleven in de late veertiger jaren

vandaag:

Terug naar een lagere school in Amsterdam in 1945-1951

Hoe anders was dat? Dat zal je verbazen. Het was een klein lokaal.

Er waren houten banken voor twee leerlingen met één lessenaar waar een opening was voor een inktpotje en een uitgefreesd pennenbakje. Daar lagen griffels in, later kroontjespennen. Die werden in de inkt gedoopt en er kon worden geschreven. Eerst schuinschrift, later blokschrift. Er was ook een voetenplank over de breedte van de bank.

De banken stonden achter elkaar in drie rijen gericht naar het schoolbord vooraan in de klas. Daar zat de onderwijzer(es).

Kinderen zaten dus twee aan twee, jongens en meisjes door elkaar.

Aan de muur waren oude schoolplaten van karton met afbeeldingen van dieren en kinderen uit bekende verhalen.

Aan de ene zijde van het lokaal waren openslaande ramen waardoor je kon uitkijken naar de speelplaats. Op de vensterbank stonden geraniums

In mijn beleving was het een saaie toestand in de klas en kwamen de leerlingen weer tot leven als de bel ging voor het speelkwartier, of einde schooldag om vier uur.

Het was allemaal heel braaf en zelden rumoerig.

Dat was anders als de klas bezoek kreeg. Bezoek?

Ja voor een goede educatie werden er bij tijd en wijle zwart wit films getoond in een apart lokaal. Meestal waren het filmbeelden over een of ander land ergens ver weg. Een man naast het filmapparaat legde alles uit, maar dat werd niet gehoord door het lawaai van het apparaat.

Ander bezoek was de schoolarts of schoolzuster die op de gezondheid van de leerlingen moest letten. Dat onderzoek was uitgebreid. Van je voeten tot het hoofd kun je zeggen. Een bijnaam voor de vrouw die het haar onderzocht? Precies de luizenzuster, Hallo Allemaal.

Soms moesten de leerlingen naar de schoolarts toe, voor gebitscontrole, bijvoorbeeld. Dan was je een halve dag vrij.

Mijn lagere school was uniek. Op de speelplaats stond een kippenhok alsook een konijnenbult met een hek erom heen. Dat moest allemaal verzorgd worden en dat was aan de leerlingen. Eitjes rapen, voer geven, het schoonmaken van het hok, dat gebeurde in het speelkwartier op een beurtenschema. De lijst hing aan de binnenkant van de kastdeur in de klas.

Voor mij was dat een plezierige onderbreking van het saaie leren. Meerdere keren nam ik het “vieze werk” over van de meisjes die mij dankbaar waren daarvoor.

Als ik dan veel te laat na het speelkwartier de klas binnenkwam en de onderwijzeres mij vroeg waar kom jij vandaan,was mijn antwoord stereotiep kippenhok schoongemaakt. Waarop zij eveneens stereotiep vroeg “alweer? Morgen voor jou geen speelkwartier Bertje”.

De volgende aflevering van Schoolleven gaat over gymnastiek lokaal.

08/2019 Bert

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *